Een brief van C.H. Spurgeon aan zijn vader | 20 april 1850
augustus 1, 2017
Spreken wat Hij leert
augustus 2, 2017
Show all

Brieven van Charles Haddon Spurgeon

EEN BRIEF VAN DE ZESTIENJARIGE SPURGEON AAN ZIJN MOEDER

LIEVE MOEDER, ik heb elke ochtend uitgekeken naar een brief van vader, ik verlang naar een antwoord. Het is nu al een maand geleden sinds ik een brief van hem heb gehad. Laat u mij alstublieft weten of ik toestemming krijg, of dat u het weigert dat ik gedoopt zal worden. Ik word in een pijnlijke spanning gehouden. Vandaag is het de 20ste, en meneer Cantlow,s doop is op het einde van de maand, ik denk volgende week. Ik zou het zo jammer vinden als ik op Zondag nog een keer het Heilig Avondmaal zou moeten missen. Want in mijn huidige overtuiging hoop ik dat ik nooit mijn geweten zal overtreden door ongedoopt aan het sacrament deel te nemen. Toen ze mij dit verzochten heb ik de leden van de kerkenraad verzekerd dat ik dit nooit zou doen.

Ik denk vaak aan jullie, door de gevolgen van de lege preken en het droevige oratorium van de heer ___  zijn jullie arme hongerige wezens. Wat een genade dat u niet van hem afhankelijk bent voor de geestelijke vertroosting! Ik hoop dat u binnenkort zal stoppen met het volgen van die lege wolk zonder regen. Het is een schaduw prediker, want ik denk niet dat er veel inhoud in hem is. Maar, mijn lieve Moeder, waarom gaat u niet eens luisteren naar mijn vriend, meneer Langford? Hij is een open communie Baptist, en ik ben overtuigd dat hij u, ook zonder de geloofsdoop, graag zal verwelkomen. Misschien wordt zijn prediking wel gezegend aan Archer, Eliza, en mijn zussen, evenals mezelf. Zou het niet de moeite waard zijn om een ​​klein verschil van overtuiging op te geven? God kan redden wie Hij wil, wanneer Hij wil, en waar Hij wil, maar ik denk dat het brullen vanaf de berg Sinai, wat meneer ___ tegen de mensen doet, wel het laatste is om te doen.

Ik denk dat ik deze brief zou kunnen toeschrijven aan een plaats als de Betoverde Grond, waarbij de warme lucht van Beulah op mij waait. Een druppel van het genot dat ik heb gesmaakt, is een leven vol doodsangst waard. Ik ben bang om tevreden te zijn met deze wereld.

Mijn liefde gaat uit naar u, en naar mijn beste Vader, Eliza, Archer, Emily, Louisa en Lottie. Ik hoop dat het u goed gaat. Met mij gaat het gelukkig beter, bedankt voor het receptje. En wederom, in mijn liefde voor u, blijf ik, beste moeder, uw toegenegen zoon, CHARLES.

P.S. Als ik zal worden gedoopt, zal het in een open rivier zijn. Ik ga er in zoals ik ben, samen met sommige anderen… een goede getuigenis voor veel getuigen zal een verbintenis zijn tussen mij en mijn Meester, mijn Verlosser en mijn Koning.

NEWMARKET, 1 mei 1850.

Send this to friend

Spring naar werkbalk